Kabinet roept Israëlische ambassadeur op het matje en stelt inreisverbod in voor extremistische ministers
Het demissionaire kabinet grijpt eindelijk in. De Israëlische ambassadeur wordt ontboden, wat betekent dat hij officieel is opgeroepen om zich te melden bij het ministerie van Buitenlandse Zaken. Dit is een diplomatieke maatregel die wordt gebruikt wanneer een land ernstig wordt aangesproken op zijn gedrag.
Aanleiding is de aanhoudende humanitaire ramp in Gaza en het feit dat Israël opnieuw internationale afspraken over hulpverlening schendt. Minister Veldkamp noemt de situatie “onverdraaglijk en onverdedigbaar”. Nederland verlangt dat Israël zijn koers wijzigt en het internationaal humanitair recht naleeft, waarmee het kabinet erkent dat Israël dat op dit moment niet doet.
Premier Schoof had eerder aangekondigd dat Nederland zelf maatregelen zou nemen als Israël zich niet aan de EU-afspraken zou houden. Dat moment is nu aangebroken. Eén van die maatregelen is een inreisverbod voor de Israëlische ministers Smotrich en Ben-Gvir, die Nederland als ongewenste vreemdelingen bestempelt. Deze stap is opmerkelijk, omdat het gericht is tegen zittende bewindslieden van een bondgenoot.
Volgens het kabinet hebben Smotrich en Ben-Gvir herhaaldelijk opgeroepen tot geweld tegen Palestijnen, pleiten ze openlijk voor de uitbreiding van illegale nederzettingen en hebben ze zelfs opgeroepen tot etnische zuivering in Gaza.
Nederland wil daarnaast binnen de Europese Unie dat het handelsdeel van het associatieverdrag met Israël wordt opgeschort. Of dat daadwerkelijk gebeurt, zal afhangen van de bereidheid van andere lidstaten om verder te gaan dan symbolisch protest.